Eerder verschenen in de Nederlandse Boekengids 6.6 (2021): 43-49.

With this sort of exponential growth (…) the whole world should be autistic sometime in 2024. Looks like our plans for world domination are going exceedingly well.
–De autistische activist Martijn Dekker (@autimodo) over de stijging van het aantal autismediagnoses, Twitter, 8 april 2020

Als je in een krokodil verandert, is dat jouw probleem.
–De Braziliaanse president Jair Bolsonaro over een vermeende bijwerking van het COVID-19-vaccin van Pfizer, 17 december 2020

Vrijdag 20 januari 2017, Washington, D.C. Op een bal ter ere van zijn inauguratie danst president Donald Trump ongemakkelijk met first lady Melania op een glazuurvernietigende uitvoering van My Way van Frank Sinatra. Vergeleken met eerdere inauguratiefeesten is het bal een trieste bedoening: waar zijn voorganger Barack Obama werd toegezongen door Stevie Wonder, Beyoncé en Shakira, moet Trump het doen met The Piano Guys, een band die zich specialiseert in protserige covers en mash-ups van bekende nummers.

Eén van de gasten op het bal is een breedgeschouderde, in smoking geklede Engelsman. ‘Just looking around to see if there’s anyone important here – see if I can prevail upon them to make the world a better place for children with autism, a safer place for children,’ zegt hij in een livestream. Twee maanden voor Trumps verrassende winst had hij nog met The Donald gesproken over zijn grote stokpaardje: het vermeende verband tussen vaccinaties en autisme, een weerlegde theorie die de nieuwbakken president al zo’n tien jaar verkondigde. De Engelsman heeft goede hoop dat de verkiezing van Trump tot een aardverschuiving zal leiden bij de Centers for Disease Control and Prevention (CDC), het Amerikaanse equivalent van het RIVM. ‘I’m just going to bring some pictures of Donald,’ grijnst hij voor hij de stream beëindigt.

In de dagen na het bal lopen de socialmediafeeds over van verontwaardiging en afgrijzen. De livestreamende man is namelijk maagchirurg en anti-vaccinatiegoeroe Andrew Wakefield (1956), het brein achter een van de grootste medische schandalen van de afgelopen dertig jaar. Wakefields claim to fame is een artikel dat hij in 1998 samen met twaalf collega’s van het Londense Royal Free-ziekenhuis publiceerde in het gezaghebbende medische tijdschrift The Lancet. In het artikel beschreven Wakefield en zijn coauteurs elf jongetjes en een meisje van tussen de drie en tien jaar oud, van wie negen een autismediagnose hadden. Acht van de negen autisten hadden kort na hun bof-, mazelen- en rodehondvaccinatie darmproblemen gekregen en waren hun communicatieve vaardigheden verloren. Autisme gaat vaak gepaard met darmproblemen en zo’n plotseling verlies van de communicatieve vaardigheden (regressie) komt bij ongeveer één op de drie autistische kinderen voor – meestal in het tweede levensjaar, dezelfde periode waarin het BMR-vaccin wordt toegediend en autistisch gedrag doorgaans voor het eerst merkbaar wordt. Hoewel associatie nog geen causatie is, meenden de ouders van de acht kinderen dat het vaccin de trigger was van het autisme en de gezondheidsklachten.

Wakefield speculeerde dat de mazelencomponent in het vaccin bij de kinderen spijsverteringsproblemen had veroorzaakt waardoor hun darmwand was gaan lekken. Daarna waren volgens hem schadelijke eiwitten in de bloedbaan terechtgekomen, die uiteindelijk het brein hadden bereikt, met autisme tot gevolg. Voorlopig had Wakefield nog geen hard bewijs voor een verband, en zei hij niet expliciet dat vaccins autisme veroorzaakten, maar het was duidelijk wat hij suggereerde: misschien was het BMR-vaccin helemaal niet zo veilig als gedacht.

Om eventuele paniek de kop in te drukken, nam Lancet-hoofdredacteur Richard Horton in hetzelfde nummer waarin de studie verscheen een kort kritisch commentaar op van twee CDC-epidemiologen. Volgens hen had het artikel weinig om het lijf: Wakefield leunde te veel op de getuigenissen van de ouders en miljoenen kinderen hadden het BMR-vaccin gekregen zonder darmproblemen of autisme te ontwikkelen. ‘[V]accine-safety concerns such as that reported by Wakefield and colleagues may snowball into societal tragedies when the media and the public confuse association with causality and shun immunisation,’ waarschuwden ze.

Een morele kwestie

Het waren profetische woorden. Twee dagen voor de publicatie in The Lancet belegde het Royal Free een persconferentie om Wakefields artikel toe te lichten. Op voorhand hadden Wakefield en vier van zijn collega’s afgesproken om tot er nader onderzoek was gedaan ouders te blijven adviseren om hun kinderen het BMR-vaccin te geven. Maar Wakefield, die vijf weken voor publicatie intern had laten weten dat hij niet in kon staan voor de veiligheid van het vaccin, trok tijdens de persconferentie zijn eigen plan. ‘It’s a moral issue for me,’ zei hij. ‘One more case of [autisme] is too many. (…) I cannot support the continued use of these three vaccines in combination until this issue has been resolved.’ Om het immuunsysteem niet te overbelasten, achtte Wakefield het verstandiger om de kinderen afzonderlijke vaccins tegen de bof, mazelen en rodehond te geven. Aangezien destijds alleen het gecombineerde vaccin beschikbaar was in het Verenigd Koninkrijk, adviseerde hij in feite om kinderen niet meer te laten inenten.

Wakefields krakkemikkige artikel leidde tot een mondiale mediastorm en een golf van vaccinatiescepsis. Door alle ophef dook de BMR-vaccinatiegraad in het VK in zes jaar tijd ver onder het percentage dat nodig is om groepsimmuniteit te garanderen, met honderden opnames en vier doden tot gevolg. Meer dan honderdduizend Amerikaanse ouders weigerden hun kinderen het BMR-vaccin te geven, en de Japanse overheid trok haar aanbeveling voor de prik in. Ondanks het feit dat grootschalige epidemiologische studies geen bewijs vonden voor Wakefields hypothese, ging het idee dat vaccins autisme veroorzaken een eigen leven leiden.1

Het Lancet-artikel verscheen aan het eind van een decennium waarin het aantal autismediagnoses razendsnel was gestegen, zozeer dat de term ‘autisme-epidemie’ in zwang raakte; een misleidend en stigmatiserend woord, aangezien autisme geen besmettelijke ziekte is, maar een aangeboren syndroom. Tot de jaren tachtig gold autisme als een zeldzaam verschijnsel, dat hoofdzakelijk werd vastgesteld bij niet of nauwelijks pratende, in zichzelf gekeerde kinderen met een verstandelijke beperking, opvallend repetitief gedrag en grote moeite met veranderingen. Door een reeks ontwikkelingen die elkaar aan het eind van de jaren tachtig en begin van de jaren negentig in rap tempo opvolgden, werd het steeds vaker gediagnosticeerd. Het syndroom werd in één klap wereldberoemd door Dustin Hoffmans Oscarwinnende rol als het rekenwonder en blackjacktalent Raymond Babbitt in de film Rain Man (1988). Rond dezelfde tijd werden betere opsporingsmethoden ontwikkeld en de diagnostische criteria in de DSM verruimd, waardoor ook autistische volwassenen met een gemiddelde tot hoge intelligentie in beeld kwamen. Het is ook aannemelijk dat de stijging deels is veroorzaakt door diagnostische substitutie: uit Amerikaans onderzoek blijkt bijvoorbeeld dat naarmate het aantal autismediagnoses toenam bij steeds minder kinderen een verstandelijke beperking werd vastgesteld – om de eenvoudige reden dat een autismediagnose toegang bood tot speciaal onderwijs en therapieën die voor kinderen met een verstandelijke beperking niet of minder beschikbaar waren.

Er waren kortom heel aardse oorzaken voor de zogenaamde ‘epidemie’. Sommige ouders, artsen en journalisten meenden echter dat er meer aan de hand was. Er moest een omgevingsfactor zijn die verklaarde waarom een syndroom dat tot voor kort amper voorkwam, en waarvoor na drie decennia genetisch onderzoek nog geen duidelijke oorzaak was gevonden, nu opeens alomtegenwoordig leek te zijn. In hun handen transformeerde Wakefields zwaar bekritiseerde hypothese in een fanatiek beleden, onwrikbare gevoelsovertuiging. Vaccins veroorzaakten autisme, punt uit.

Wakefields dagen bij het Royal Free waren geteld nadat het ziekenhuis eind 1999 de vooraanstaande immunoloog Mark Pepys aannam. Tijdens zijn contractonderhandelingen had Pepys vijfentwintig voorwaarden gesteld. Eén van die voorwaarden: hij wilde onder geen beding op dezelfde afdeling werken als de ‘rukker en bedrieger’ Wakefield. Om Wakefield onder druk te zetten, bood Pepys hem de kans om zijn Lancet-onderzoek te reproduceren, met financiële steun van het University College London. Nadat Wakefield weigerde op het aanbod in te gaan en herhaaldelijk in aanvaring kwam met zijn superieuren, was de maat vol voor het Royal Free: in december 2001 werd hij met een afkoopsom van ruim een ton op straat gezet.

Volgens een persbericht van het ziekenhuis hadden beide partijen in goed overleg besloten om de wegen te scheiden. Wakefield gaf echter een andere lezing. ‘I have been asked to go because my research results are unpopular,’ zei hij, zonder het aanbod van Pepys te vermelden. Hij was niet van plan om zijn onderzoek naar het verband tussen het BMR-vaccin en autisme te staken. Na zijn ontslag week hij uit naar de Verenigde Staten om met gelijkgestemden zijn werk voort te zetten. Wakefield cultiveerde het imago van de Galileo Galilei-achtige wetenschapper die was gestraft voor zijn compromisloosheid, in zijn geval niet door de katholieke kerk, maar door een kartel van wetenschappers en farmaceutische bedrijven.

Als tegendraadse, charismatische dokter die het opnam voor autistische kinderen en hun ouders kon Wakefield nog lang na het beruchte Lancet-artikel op enige sympathie rekenen bij het grote publiek. Tot een doortastende Britse onderzoeksjournalist in 2004 zijn laatste resten geloofwaardigheid verpulverde.

Van Helsing en Dracula
Brian Deer
The Doctor Who Fooled the World: Andrew Wakefield’s War on Vaccines
Scribe 2020, 394 blz.
9781911617808

Brian Deer schreef al jaren over misstanden in de farmaceutische industrie toen The Sunday Times hem begin 2003 de opdracht gaf om zich in Wakefield te verdiepen. Wat in eerste instantie een routineklus leek, werd zijn levenswerk: van februari 2003 tot september 2020 beet hij zich vast in Wakefield. ‘I [have] become the Abraham Van Helsing to our subject’s Count Dracula,’ grapt hij in The Doctor Who Fooled the World (2020), zijn minutieuze, thrillerachtige ontrafeling van Wakefields web van leugens.

De BMR-controverse heeft een lange voorgeschiedenis, liet Deer tussen 2004 en 2011 zien in een reeks ontluisterende artikelen. In 1993 raakte Wakefield voor het eerst in opspraak toen hij beweerde dat de ziekte van Crohn, een chronische darmziekte, werd veroorzaakt door het mazelenvirus – een boude stelling voor een maagchirurg zonder noemenswaardige virologische expertise. Twee jaar later verkondigde de tomeloos ambitieuze Wakefield dat niet alleen het mazelenvirus, maar ook het mazelenvaccin de ziekte veroorzaakte. Onderzoekers in Engeland, Denemarken, Japan, Schotland, Duitsland en de VS maakten gehakt van zijn werk, waarna hij zijn hypothese terugnam.

Door het Crohn-debacle kwam Wakefield op de radar bij de anti-vaccinatieorganisatie JABS (Justice, Awareness and Basic Support; ‘jab’ = ‘prik’), een vereniging van ouders die geloofden dat hun kinderen door het BMR-vaccin chronische stoornissen hadden opgelopen, waaronder autisme, en met behulp van de louche letselschadeadvocaat Richard Barr een rechtszaak voorbereidden tegen de fabrikanten van het vaccin. Voor de organisatie was Wakefield met zijn verdachtmakingen van het vaccin een aantrekkelijke bondgenoot die hun overtuigingen wetenschappelijke legitimiteit zou kunnen geven, al wist hij destijds naar eigen zeggen niets over autisme. In februari 1996 huurde Barr Wakefield namens JABS in als medisch expert die het bewijs zou moeten leveren dat het BMR-vaccin onveilig was. Vijf van de kinderen uit het Lancet-artikel dat twee jaar na hun deal verscheen, kwamen via Barr terecht bij Wakefield, die voor zijn werk zo’n £435.000 opstreek. Noch The Lancet, noch het Royal Free wist af van Wakefields inkomsten en banden met JABS. Daarbovenop ontving hij tussen juli 1996 en februari 1999 £850.000 aan overheidssubsidie voor zijn onderzoek, waarvan de uitkomst op voorhand al vaststond.

Die bedragen waren een schijntje vergeleken met wat Wakefield dacht te gaan verdienen aan de paniek die hij wilde zaaien over het BMR-vaccin. Driekwart jaar voor de publicatie in The Lancet probeerde hij in het geheim een patent te krijgen op een alternatief mazelenvaccin en een autismegenezingskuur waar hij multimiljonair mee hoopte te worden – volgens experts die Deer interviewde producten die onmogelijk zouden kunnen werken. Naast het Royal Free vermeldde de patentaanvraag een Amerikaans onderzoeksinstituut, de Neuroimmuno Therapeutics Research Foundation. Een bedrieglijke naam, ontdekte Deer: de ‘foundation’ was in werkelijkheid het eenmansproject van de excentrieke, bejaarde immunoloog Herman Hugh Fudenberg, een kennis van Wakefield en een van de eersten die een verband legde tussen het BMR-vaccin en autisme. Tot Deers verbazing bekende Fudenberg dat hij helemaal niet op de hoogte was van de patentaanvraag. Bovendien beweerde Fudenberg dat hij al een middel had ontwikkeld om autisme te kunnen genezen: een goedje dat hij in zijn keuken bereidde, met zijn eigen beenmerg als hoofdingrediënt.

Om een direct verband te kunnen leggen tussen het ontstaan van autisme en het BMR-vaccin, verzon Wakefield zijn hele onderzoek bij elkaar. Deer onthulde dat Wakefield, in feite de enige auteur van het Lancet-artikel, had verzwegen dat vijf van zijn twaalf patiënten waren gerekruteerd door Barr en alle onderzoeksdata die niet binnen zijn hypothese pasten had genegeerd of vervalst, zonder medeweten van zijn collega’s. Wakefield schreef in het artikel dat alle twaalf kinderen voor de BMR-vaccinatie normaal functioneerden, maar vijf hadden volgens hun dossiers daarvoor al ontwikkelingsproblemen. Het autistische gedrag en de darmklachten van de kinderen traden bovendien niet kort na de vaccinatie op, maar weken of maanden erna. Drie van de negen kinderen die zogenaamd autistisch waren, hadden helemaal geen diagnose, en slechts één was in regressie gegaan. Ook op medisch-ethisch vlak bleek Wakefield alle regels aan zijn laars te hebben gelapt. De man die in mediaoptredens altijd op de bres sprong voor kwetsbare kinderen, ging achter de schermen hoogst onverantwoordelijk met hen om. In tegenstelling tot wat hij in The Lancet beweerde, had hij geen toestemming gekregen om zijn patiënten aan een reeks ingrijpende medische tests te onderwerpen. Eén jongetje moest vechten voor zijn leven nadat Wakefields team zijn dikke darm perforeerde.

Kort na Deers eerste onthullingen in The Sunday Times van 22 februari 2004 namen tien van Wakefields coauteurs afstand van de Lancet-studie. Hoofdredacteur Richard Horton verklaarde dat hij de ophef die door het artikel was ontstaan betreurde, maar zei er geen spijt van te hebben dat hij het had laten publiceren. Volgens hem was Wakefield in wezen een goede man die zich te veel had laten meeslepen door zijn oprechte zorgen om autistische kinderen.

Er zouden nog zes jaar verstrijken voor Wakefield, die alle aantijgingen ontkende, de laatste genadeklap kreeg. In 2010 werd hij na een lange tuchtzaak door de Britse General Medical Council op dertig punten schuldig bevonden en uit het medisch register geschrapt. The Lancet trok vervolgens het paper terug, een zeldzaamheid in de medische wereld. Maar daarmee was het nog lang niet gedaan met de paniek die hij had ontketend.

Zielenvissen in de fabeltjesfuik

De door Wakefield aangewakkerde vaccinatiescepsis bestaat al sinds ruim tweehonderd jaar geleden de eerste vaccins werden gezet. Opmerkelijk is dat wat in de volksmond enigszins onnauwkeurig de ‘anti-vaccinatiebeweging’ wordt genoemd – geen centraal geleide beweging, maar een gelegenheidscoalitie van prikweigeraars- en weifelaars – in twee eeuwen nauwelijks van karakter is veranderd. De complottheorieën over corrupte elites, de verhalen over ‘vaccinatieschade’ en giftige stoffen die in vaccins zouden zitten, gevoelsovertuigingen die belangrijker worden geacht dan wetenschappelijk bewijs, de voorkeur voor alternatieve geneeswijzen: alle elementen van de hedendaagse anti-vaccinatiebeweging bestonden al in het West-Europa van de negentiende eeuw.

Vaccinatiescepsis is politiek, religieus of levensbeschouwelijk gemotiveerd. Een van de eerste groepen die zich halverwege de negentiende eeuw om politieke redenen verzetten tegen vaccinaties bestond uit arbeiders, die handelden uit onvrede over de draconische armenwetten en het autoritaire vaccinatiebeleid van de overheid. In Engeland, de bakermat van de anti-vaccinatiebeweging, werd de pokkenvaccinatieplicht (1853) bijvoorbeeld zeer streng gehandhaafd: arbeiders die weigerden hun kinderen in te laten enten of zich geen medische zorg konden veroorloven, riskeerden een boete of een gevangenisstraf.

Een voorbeeld van een religieus gemotiveerde vaccinatiesceptische groep zijn de Nederlandse bevindelijk gereformeerden. Een deel van deze gemeenschap weigert zich op basis van hun interpretatie van de Bijbel in te laten enten omdat in hun optiek alleen God beslist over leven en dood. Ziekte is volgens hen een straf die mensen zonder medische hulp moeten ondergaan, ook kleine kinderen die worden getroffen door polio of de mazelen. Door de lage vaccinatiegraad breken binnen de Nederlandse bevindelijk gereformeerde gemeenschap eens in de zoveel tijd infectieziektes uit die buiten de Bijbelgordel amper meer voorkomen, waaronder polio (1978, 1992-1993), rodehond (2004-2005) en de mazelen (2013-2014).

Twee levensbeschouwelijk gemotiveerde vaccinatiesceptische groepen zijn de homeopaten en de antroposofen. Homeopaten hebben een groot vertrouwen in natuurgeneesmiddelen en het zelfregulerend vermogen van het immuunsysteem, zozeer dat sommigen geloven dat vaccins onnodig of zelfs gevaarlijk zijn omdat ze het immuunsysteem lui zouden maken of overbelasten – een onwetenschappelijke claim, aangezien een gemiddeld kind theoretisch zo’n tienduizend vaccins tegelijk aan zou kunnen.2 De homeopathie gaat uit van het zogenaamde ‘gelijksoortigheidsbeginsel’: het idee dat een sterk verdunde versie van een ziekteverwekker diezelfde ziekte kan genezen, een alle logica tartende bewering waarvoor nog nooit serieus wetenschappelijk bewijs is geleverd.

Antroposofen menen in het verlengde van homeopaten dat ziektes niet bestreden, maar begeleid moeten worden, zodat kinderen op een natuurlijke manier immuniteit kunnen opbouwen. Sommige antroposofen laten zich niet of slechts tegen een beperkt aantal ziektes vaccineren, omdat ze vaccins in navolging van grondlegger Rudolf Steiner (1861-1925) als anti-spirituele stoorzenders beschouwen. Steiner schreef dat vaccins de ‘ontwikkeling van het karma’ saboteerden en gruwelde van het idee dat er ooit een dag aan zou breken waarop ‘materialistische dokters’ jonge kinderen kort na de geboorte met een inenting van hun ‘ziel’ zouden beroven.

De afgelopen twintig jaar is een opvallende nieuwe groep ontstaan van overwegend witte, hoogopgeleide ouders met een modaal tot bovenmodaal inkomen. Deze nieuwe niet-prikkers – extremistische anti-vaccinatieactivisten, vertwijfelde ouders die er nog van kunnen worden overtuigd om hun kind te laten vaccineren, en alles daartussenin – hebben doorgaans geen medische opleiding en zijn geboren in een tijd waarin door het succes van vaccins ernstige infectieziektes als polio nagenoeg zijn uitgeroeid. Deze groep heeft weinig tot geen vertrouwen in instituties als het RIVM en de CDC en geen boodschap aan het cliché dat vaccinaties vooral dienen om kwetsbare mensen te beschermen. Het grote verschil met bijvoorbeeld de vaccinatiesceptische arbeiders uit de negentiende eeuw is dat deze ouders niet handelen uit groepsbelang, maar uit door angst voor (vermeende) bijwerkingen ingegeven eigenbelang: waarom zouden zij hun kind risico laten lopen om anderen te beschermen? Een ander verschil is dat de fanatiekelingen in deze groep in tegenstelling tot laatnegentiende-eeuwse verenigingen als de Amerikaanse Anti-Vaccination League en de Nederlandse Bond tegen Vaccinatiedwang de term ‘anti-vaccinatie’ angstvallig vermijden: ze beweren dat ze niet per se tegen vaccins zijn, maar voor keuzevrijheid en voor veilige(re) vaccins – dat wil zeggen, voor vaccins zonder bijwerkingen. Afgezien nog van het feit dat vaccins zeer streng worden gemonitord en het meer dan tien jaar en een miljard kan kosten voor ze op de markt kunnen verschijnen, is het onmogelijk om vaccins zonder milde bijwerkingen te produceren. Zulke onhaalbare eisen stellen de overtuigde niet-prikkers-die-niet-tegen-vaccins-beweren-te-zijn dan weer niet aan de veelal ongereguleerde, wetenschappelijk onbewezen en in sommige gevallen gevaarlijke biomedische interventies, alternatieve geneeswijzen en medicatie waar ze hun kinderen aan blootstellen.

Prikweigeraars- en weifelaars halen hun informatie voornamelijk van internet, met alle risico’s van dien. Naast een oneindige bibliotheek is het internet een gevaarlijke ‘fabeltjesfuik’, om met Arjen Lubach te spreken: een echokamer waarin mensen na het kijken of lezen van dubieuze content in verzeild kunnen raken door algoritmes die steeds meer eenzijdige, bizarre informatie naar hen doorsluizen. Wie zonder relevante medische vooropleiding zelf op onderzoek uitgaat en maar lang genoeg wordt getrakteerd op complottheorieën, horrorverhalen en uit hun context gehaalde statistieken, komt op den duur terecht in een parallelle werkelijkheid waarin charismatische zielenvissers makkelijk toe kunnen slaan.

Andrew Wakefield is het schoolvoorbeeld van zo’n fabeltjesfuikzielenvisser. Zijn achterban bestaat voornamelijk uit ouders van kinderen die naast een ernstige vorm van autisme vaak nog bijkomende diagnoses of gezondheidsproblemen hebben. In de getuigenissen van zijn volgelingen valt steevast hetzelfde radicaliseringstraject te ontwaren. Dat traject begint in het tweede levensjaar van hun kind, het moment waarop het autisme zich voor het eerst openbaart. De ouders hebben geen idee wat de oorzaak van het gedrag van hun kind zou kunnen zijn, tot ze bedenken dat het onlangs is gevaccineerd. Daarna volgt een rondgang langs medisch specialisten, die hun vermoedens over een verband met het vaccin van de hand wijzen, hun kind diagnosticeren en hen aanraden om zich neer te leggen bij de diagnose – autisme is immers chronisch. Uit onwetendheid en wanhoop over het autisme van hun kind en uit schuldgevoel omdat ze denken dat zij het autistisch hebben gemaakt, begeven de ouders zich op het internet om informatie en medestanders te vinden. En, belangrijker nog, om erachter te komen of er misschien toch manieren zijn om van het autisme af te komen.

Andrew J. Wakefield
Callous Disregard: Autism and Vaccines—The Truth Behind a Tragedy
Skyhorse 2017 (2010), 271 blz.
9781510729667

Online stuiten ze op ouders met dezelfde zorgen en angsten als zij. Zijn die vaccins wel veilig? Worden kinderen niet veel te vroeg en veel te snel gevaccineerd? Hoe kan het dat het aantal autismediagnoses in relatief korte tijd zo snel is gestegen? Zijn infectieziekten nog wel zo gevaarlijk als gedacht? Is het niet beter om kinderen uit voorzorg helemaal niet meer te vaccineren? En ze stuiten op ene dokter Wakefield, die precies zegt wat ze willen horen. De reguliere geneeskunde en de farmaceutische industrie zijn verantwoordelijk voor de ‘autisme-epidemie’. Het autisme van hun kind is niet aangeboren, maar aangedaan, een immunologisch en neurologisch defect, veroorzaakt door een overschot aan vaccins. Een defect dat valt te genezen.

Voor radicaliseringsgevoelige ouders die worden geplaagd door een schuldcomplex en gedreven door woede en wraakzucht is Wakefield een messiasachtige figuur, een van de weinigen die hen een luisterend oor biedt en hun beweringen over vaccinatieschade serieus neemt. Wakefield speelt als vaardige volksmenner in op hun wanhoop en wrok. ‘[T]he parents are right; their stories are true; their children’s brains are damaged,’ schrijft hij in Callous Disregard (2010), het rancuneuze boek vol desinformatie dat hij publiceerde na zijn schorsing. In zijn belevingswereld – en binnen de anti-vaccinatiebeweging in het algemeen – zijn (onderbuik)gevoelens minstens zo belangrijk als feiten.

Defeat Autism Now!

Bij geharnaste anti-vaccinatieactivisten gaat dat heilige vertrouwen in gevoelswaarheden curieus genoeg gepaard met het vermogen om met het grootste gemak over te springen van de ene op de andere verklaring voor de toename van het aantal autismediagnoses. In de VS, de grootste westerse anti-vaccinatiebrandhaard van de afgelopen vijfentwintig jaar en het mondiale zwaartepunt van de autismebelangenbehartiging, kwam kort nadat epidemiologische studies Wakefields Lancet-artikel onderuithaalden een nieuwe verdachte in beeld: thimerosal, een conserveringsmiddel dat in de jaren dertig aan vaccins werd toegevoegd. Thimerosal bevat ethylkwik, dat ondanks de vrijwel identieke naam fundamenteel verschilt van methylkwik, een verbinding die in zeer grote doses giftig kan zijn. Methylkwik komt voor in het milieu en het menselijk lichaam: kinderen krijgen er in de eerste zes maanden van hun leven via borstvoeding zo’n vierhonderd microgram van binnen, twee keer zoveel kwik als er ooit in alle vaccins bij elkaar heeft gezeten. Het beetje ethylkwik dat via vaccins het menselijk lichaam binnenkomt is nog veel minder gevaarlijk dan zijn bijna-naamgenoot en wordt ook nog eens tien keer sneller afgebroken.

Zes decennia lang kraaide er geen haan naar thimerosal, tot de Food and Drug Administration (FDA) in 1999 na twee jaar onderzoek te hebben gedaan naar alle voedingsmiddelen en medicijnen die kwik bevatten rapporteerde dat kinderen via vaccins 187.5 microgram ethylkwik binnenkregen. Dat cijfer plaatste de FDA voor een vraagteken: tot dat moment was er nog geen wetenschappelijke onderzoek gedaan naar het mogelijke gevaar van ethylkwik en waren er geen duidelijke federale richtlijnen over hoeveel een gemiddeld mens kon verdragen. In overleg met de CDC, de American Academy of Pediatrics (AAP) en de Environmental Protection Agency (EPA) besloot de FDA in juli 1999 daarom uit voorzorg om thimerosal uit vaccins te verwijderen.

Die overhaaste beslissing pakte even desastreus uit als de persconferentie van het Royal Free-ziekenhuis een jaar eerder. De CDC verkondigde dat hoewel er ‘no data or evidence of any harm’ was, thimerosal zo snel mogelijk in de ban moest worden gedaan. De AAP volgde in een klungelige poging om ouders gerust te stellen met een vergelijkbaar statement: thimerosal was niet gevaarlijk, en de vaccins met het middel evenmin, maar door thimerosal te verwijderen zouden veilige vaccins nog veiliger worden. De ambigue boodschap van de overheidsinstanties was koren op de molen van complotdenkers en vaccinatiesceptici. Als thimerosal niet gevaarlijk was, waarom werd het dan halsoverkop uit vaccins gehaald? Was thimerosal dan misschien de oorzaak van de autisme-epidemie?

De thimerosal-veroorzaakt-autismetheorie hing net als Wakefields hypothese aan elkaar van vergezochte verbanden, gevoelsovertuigingen en slechte wetenschap. Thimerosal werd aan vaccins toegevoegd in de periode waarin onderzoekers in de VS, Oostenrijk en Nederland voor het eerst kinderen met autisme diagnosticeerden. Sinds het eind van de jaren tachtig, het moment waarop het aantal autismediagnoses de pan uit begon te rijzen, was daarnaast het aantal vaccins dat werd toegediend sterk toegenomen, en daarmee ook de hoeveelheid (ethyl)kwik die kinderen binnenkregen. Sommige ouders meenden overeenkomsten te zien tussen de kenmerken van kwikvergiftiging en autisme – al lijken de twee verschijnselen nauwelijks op elkaar en vonden epidemiologen wederom geen bewijs voor de thimerosalhypothese – en begonnen aan een bittere kruistocht tegen vaccinaties en de farmaceutische industrie.3 Militante anti-vaccinatieclubjes als Safeminds (2000) en Generation Rescue (2005) en organisaties met weinig aan de verbeelding overlatende namen als Cure Autism Now (1995) en Defeat Autism Now! (1995) gebruikten in hun campagnes tegen thimerosal en de vermeende autisme-epidemie onversneden oorlogstaal. Autisme was in hun beleving een levensvergallende kwaal die zo snel mogelijk moest worden uitgeroeid.

Het monster dat Autisme heet

Organisaties als Generation Rescue en Safeminds zijn relatief marginaal, maar de prikpaniek en autisme-epidemiehysterie waar ze hun bestaansrecht aan ontlenen en de alarmistische oorlogsretoriek waar ze zich van bedienen waren begin deze eeuw wijdverbreid, niet alleen in de krochten van het internet, maar ook in de allerhoogste politieke gelederen. Het Amerikaanse Congres nam in 2006 bijvoorbeeld de Combating Autism Act aan, waarmee het ongeveer een miljard dollar beschikbaar stelde voor onderzoek naar de ‘oorzaak’, ‘preventie’, ‘vroegtijdige onderkenning’ en ‘behandeling’ van autisme. Het jaar daarop riepen de Verenigde Naties 2 april uit tot World Autism Awareness Day, ‘uit grote bezorgdheid’ over de toename van het aantal diagnoses.

Verreweg de succesvolste organisatie die inspeelde op de paniekstemming rond autisme is Autism Speaks, het geesteskind van voormalig zenderbaas Bob Wright en zijn vrouw Suzanne. De Wrights besloten hun organisatie te beginnen uit bezorgdheid over hun kleinzoon Christian, die toen hij twee was plotseling stopte met praten en last kreeg van spijsverteringsproblemen. Christians moeder Katie en haar man zaten met de handen in het haar nadat hun zoon met autisme werd gediagnosticeerd: voorzieningen voor autistische kinderen waren er nauwelijks en de oorzaak van autisme was nog altijd onbekend. Voor opa en oma Wright zat er niets anders op dan zelf het heft in handen te nemen om hun kleinzoon, dochter en families die in hetzelfde schuitje zaten te helpen. In 2005 was Autism Speaks een feit.

De Wrights vormden een goed duo: Bob had het zakeninstinct en netwerk, Suzanne het emotionele vernuft om mensen ervan te overtuigen hun organisatie te steunen. Om zoveel mogelijk invloed te kunnen uitoefenen, slokte Autism Speaks razendsnel allerlei andere autismeorganisaties op, van Cure Autism Now tot de op genetisch onderzoek gerichte National Alliance for Autism Research (NAAR). Nog geen jaar na oprichting was het vlaggenschip van de Wrights de grootste en rijkste autismebelangenvereniging ter wereld.

In een even kort tijdsbestek joeg Autism Speaks mensen met autisme tegen zich in het harnas. Hoewel haar naam anders doet vermoeden, bestaat het bestuur op enkele excuusautisten na volledig uit neurotypici en ziet de organisatie autisme vooral als een geldverslindende medische tragedie. Autism Speaks verklaarde in haar missiestatement dat het zich richtte op ‘onderzoek naar de oorzaken, preventie, behandelingen en een mogelijke genezing van autisme’, een statement waar de biomedische, vaccinatiesceptische vleugel binnen de organisatie zich in kon vinden, maar dat werd verafschuwd door leden van de NAAR en ouders die de zoektocht naar een geneesmiddel tijd- en geldverspilling vonden – om nog maar te zwijgen van mensen met autisme, voor wie de woorden ‘preventie’ en ‘genezing’ als regelrechte eugenetica in de oren klonk. Dat de prioriteit van Autism Speaks voornamelijk bij het voorkomen van autisme ligt, blijkt ook uit hoe de organisatie haar budget besteedt: slechts één procent komt terecht bij autisten en hun families, terwijl meer dan een kwart wordt geïnvesteerd in wetenschappelijk onderzoek, onder meer naar prenatale tests. Autistische activisten vrezen dat ouders mogelijk massaal tot abortus over zouden kunnen gaan als er ooit zulke tests beschikbaar komen.

Om de urgentie van haar strijd tegen autisme te onderstrepen, bestookte Autism Speaks het Amerikaanse publiek vanaf haar oprichting met dramatische documentaires, persberichten en promotiecampagnes. In de documentaire Autism Every Day vertelt een moeder in het bijzijn van haar autistische dochtertje dat ze met haar van een brug wilde rijden, maar zich op het laatste moment bedacht omdat ze nog een ander (neurotypisch) kind had om voor te zorgen. Een ander akelig staaltje paniekzaaierij is het spotje I Am Autism, geregisseerd door Alfonso Cuarón (Harry Potter and the Prisoner of Azkaban, Children of Men), zelf vader van een autistische zoon. De promo draait om ‘Autisme’, een ongeziene sadistische figuur met een sinistere stem die ouders toebijt dat hij alles wat hen lief is zal afnemen: hun kinderen, gezinsleven, huwelijk, spaargeld, slaap en hoop op een betere toekomst. ‘I work faster than pediatric aids, cancer, and diabetes combined,’ aldus Autisme. Halverwege het filmpje komt een reeks ouders aan het woord, die Autisme waarschuwen dat er niet met hen valt te sollen: ‘Our capacity to love is greater than your capacity to overwhelm. Autism is naïve. You are alone. We are a community of warriors.’

In al hun dramatiek en platvloersheid zijn Autism Every Day en I Am Autism exemplarisch voor het paniekdiscours dat heerste tussen de jaren negentig en tien. In de video’s zijn vrijwel geen autistische volwassenen te bekennen – alleen maar kinderen en ouders. Autisme – het syndroom annex kindstelende monster – is voor Autism Speaks in de eerste plaats een bedreiging die steeds groter wordt en steeds dichterbij komt, zoals de organisatie regelmatig benadrukt wanneer de CDC nieuwe prevalentiestatistieken publiceren. Met haar constante stroom aan onheilsboodschappen staat de organisatie in een lange traditie van belangenverenigingen die om donateurs te werven en bewustwording te creëren appelleren aan angst en medelijden, en daarmee de mensen voor wie ze beweren op te komen reduceren tot figuranten zonder enige vorm van zeggenschap.

Alsof hij aids of kanker heeft

Bob en Suzanne Wrights streven om de meest uiteenlopende kampen een onderdak te bieden in hun organisatie leidde behalve tot kritiek vanuit de autistische gemeenschap tot de nodige interne spanningen. De grootste splijtzwam binnen Autism Speaks was wrang genoeg hun eigen dochter. Katie Wright was na de autismediagnose van haar zoon snel geradicaliseerd. Omdat artsen haar sterke vermoeden dat er een verband was tussen Christians autisme en zijn intense darmklachten in de wind sloegen en keer op keer vertelden dat ze haar niet konden helpen, ging Wright zoals vele wanhopige ouders voor haar online op onderzoek uit op om erachter te komen wat er precies aan de hand was met haar kind. Door haar speurtocht en de verhalen van ouders met wie ze online in contact kwam, raakte Wright ervan overtuigd dat Christians autisme was veroorzaakt door een overdosis thimerosal. Gefrustreerd door artsen die haar geen enkel perspectief op verbetering boden, zocht ze haar heil in de hoek van de alternatieve geneeskunde.

Via via kwam Wright in contact met maag-darm-leverarts Arthur Krigsman, een adept en collega van Andrew Wakefield bij de door rijke Wakefield-sympathisanten gefinancierde Thoughtful House-kliniek in Austin, Texas. Krigsman, die net als de in ongenade gevallen Engelsman wegens medisch-ethisch wangedrag regelmatig overhoop lag met de autoriteiten, beweerde dat Christian precies dezelfde verschijnselen vertoonde als Wakefields patiënten uit de beruchte Lancet-studie. Wright was opgelucht dat ze eindelijk een duidelijke verklaring had voor de gedrags- en gezondheidsproblemen van haar zoon. Volgens haar was Krigsman de eerste dokter die haar zorgen serieus nam en hoop gaf.

Krigsman zette Christian op een gluten- en caseïnevrij dieet en onderwierp hem iedere week aan chelatie, een behandeling waarbij zware metalen uit het lichaam worden verwijderd. Door de thimerosalpaniek was de populariteit van de behandeling snel toegenomen: liet in 2000 nog slechts een beperkt aantal ouders hun kinderen met chelatie behandelen om hun autisme te ‘ontgiften’, vijf jaar later was dat getal opgeklommen naar zo’n tienduizend per jaar.4 Behalve onnodig – toen Wright zich bij Thoughtful House meldde, was de thimerosaltheorie al weerlegd – was chelatie niet ongevaarlijk voor kleine, kwetsbare kinderen als Christian: tussen 2003 en 2005 waren drie autistische kinderen overleden tijdens een behandeling. Maar Wright liet zich niet tegenhouden door de tragische berichten over chelatie, noch door het bewijs tegen de thimerosaltheorie. Volgens haar sloegen Krigsmans ingrepen goed aan. ‘Ik heb [Christian] gezond weten te krijgen door Thoughtful House,’ zei ze. ‘Hij ziet er niet langer meer uit alsof hij aids of kanker heeft.’

Zodra uitkwam dat Katie Wright geloofde dat het autisme van haar zoon was veroorzaakt door vaccinaties, ontstonden de eerste scheuren in de Autism Speaks-gelederen. Vaccinatiesceptische ouders suggereerden dat Bob en Suzanne Wright de overtuigingen van hun dochter deelden, maar daar om diplomatieke redenen niet voor uit durfden te komen. Katie Wright gooide nog meer olie op het vuur met een emotioneel optreden in de talkshow van Oprah Winfrey en met interviews waarin ze de ‘oude garde’ binnen Autism Speaks – tegenstanders van de biomedische benadering en thimerosaltheorie – uitdaagde om op te stappen, zodat het budget van de organisatie besteed zou kunnen worden aan onderzoek naar het verband tussen autisme en vaccins. In een poging om de binnenbrand te blussen, verklaarden Bob en Suzanne Wright in een korzelig persbericht dat hun dochter niet namens Autism Speaks sprak en verontschuldigden ze zich tegenover alle vrijwilligers die zich door haar uitspraken beledigd voelden. Katie Wright deed het bericht af als ‘karaktermoord’.

Tussen vader, moeder en dochter is het ondanks hun heftige conflict goedgekomen, al is Katie Wright nog altijd een fanatiek vaccinatiescepticus, tussen Autism Speaks en de autismegemeenschap niet, hoezeer de organisatie ook probeert afstand te nemen van de giftige retoriek en hondenfluitjespolitiek uit haar beginjaren. Pas in 2015, na tien jaar de deur op een kier te hebben gelaten voor vaccinatiesceptici, verklaarde Autism Speaks dat er geen bewijs was voor een verband tussen vaccins en autisme. Een jaar later schrapte het de gewraakte term ‘genezing’ uit haar missiestatement.

In dezelfde periode waarin Autism Speaks boete probeerde te doen voor statements uit het verleden, kreeg de anti-vaccinatiebeweging een nieuwe impuls door een goede vriend van Bob Wright. In juni 2015 daalde een publiciteitsgeile ondernemer en presentator een roltrap in een naar zichzelf vernoemde wolkenkrabber af om zijn kandidatuur voor het presidentschap van de Verenigde Staten bekend te maken.

Conspira-Sea

Voor hij Autism Speaks oprichtte, was Bob Wright CEO van NBC, de zender waar Donald Trumps realityserie The Apprentice werd uitgezonden. Trump was een van de vele rijke beroemdheden die Wright mobiliseerde om Autism Speaks op te kaart te zetten, en een van de velen die door hun betrokkenheid bij de organisatie in de fabeltjesfuik terechtkwamen. Wrights organisatie ging Trump naar eigen zeggen aan het hart: zelf was hij in 2006 vader geworden van een zoontje, Barron, en maakte hij zich zorgen over het alsmaar stijgende aantal autismediagnoses. Voor hem was duidelijk waar de toename door werd veroorzaakt. ‘Toen ik opgroeide, speelde autisme niet echt een rol, [maar] nu is het opeens een epidemie. Iedereen heeft zo zijn theorie. Mijn theorie, en ik doe er onderzoek naar omdat ik jonge kinderen heb, mijn theorie is dat het aan de prikken ligt,’ zei hij in een interview uit 2007. Trump vertelde dat hij Barrons vaccinaties had laten uitspreiden omdat kinderen naar zijn mening op veel te jonge leeftijd werden ‘volgepompt’ met ‘gigantische injecties’.

Vanaf 2007 greep Trump iedere gelegenheid aan om zijn anti-vaccinatiemantra’s te herhalen: kinderen werden te veel en te snel ingeënt, autisme was een epidemie, de vaccins waren de grote boosdoener. Zo ook in 2015, tijdens een debat in het kader van de Republikeinse voorverkiezingen:

If you take this little beautiful baby, and you pump… I mean, it looks just like it’s meant for a horse, not for a child, and we’ve had so many instances, people that work for me, just the other day, 2 years old, 2½ years old, a child, a beautiful child, went to have the vaccine and came back, and a week later got a tremendous fever, got very, very sick, now is autistic.

Trumps verhaal over het gigantisch grote autismeveroorzakende vaccin werd nauwelijks weersproken door zijn tegenkandidaten, ook niet door de pijnlijk charismaloze neurochirurg Ben Carson, die zich tijdens zijn campagne probeerde te profileren als man van de wetenschap. Zoals vrijwel alle controversiële uitspraken tijdens Trumps campagne leverde ook deze onwetenschappelijke, oncontroleerbare en uiterst moeizaam geformuleerde van-horen-zeggenbewering hem politiek geen schade op.

Voor hij Wakefield ontmoette, wist Trump waarschijnlijk niet dat zijn ideeën over vaccins en autisme bij hem vandaan kwamen. Wakefield was in de periode tussen zijn schorsing en gesprek met Trump verder en verder geradicaliseerd. Zonder dokterstitel hoefde hij niet langer de schijn van wetenschappelijkheid op te houden en werden zijn uitspraken steeds uitzinniger. Terwijl hij zich eerder nog bediende van het ‘ik ben niet tegen vaccins, maar voor veiligere vaccins’-parool, verkondigde hij na zijn schorsing expliciet dat vaccins autisme veroorzaakten. Tijdens de promotietour voor zijn documentaire Vaxxed (2016) beweerde hij dat de Amerikaanse regering doelbewust miljoenen kinderen hersenletsel toebracht door hen met onveilige vaccins te laten inenten. Twee jaar later heette het dat tegen 2032 1 op de 2 Amerikaanse kinderen autistisch zouden zijn als het vaccinatieprogramma niet radicaal werd omgegooid.

Bij gebrek aan politieke steun en mainstreammedia die hem een podium wilden geven, liet Wakefield zich noodgedwongen in met de meest excentrieke figuren. In september 2016 was hij een van de hoofdsprekers op de Conspira-Sea Cruise, een bijeenkomst van honderd complotdenkers die ieder drieduizend dollar neertelden om een week lang te luisteren naar presentaties over graancirkels, buitenaardse wezens en de gevaren van vaccins en genetisch gemodificeerde organismen. In zijn toespraak beweerde Wakefield voor de zoveelste keer dat alle aantijgingen tegen hem onterecht waren en maakte hij zijn kwelgeest Brian Deer uit voor ‘psychopaat’.

Gezien zijn gebruikelijke publiek – complotdenkers en ouders van autistische kinderen – was Wakefield ongetwijfeld opgetogen dat hij bij Trump op audiëntie mocht komen. In augustus 2016 spraken Wakefield en drie andere anti-vaccinatieactivisten drie kwartier met Trump op een fundraiser in Florida. Een van hen vertelde hoe haar zoon autistisch was geworden door een vaccin, een ander wees Trump erop dat hij zijn verkiezingsleus ‘Make America great again’ niet waar zou kunnen maken als de autismeprevalentie zou blijven stijgen. Wakefield draaide zijn gebruikelijke repertoire af en maakte van de gelegenheid gebruik om Vaxxed te promoten.

Trump was volgens de anti-vaccinatiedelegatie ‘extreem goed geïnformeerd’ over vaccinaties en autisme. Hij zei dat hij hun zorgen serieus nam en beloofde dat hij als president het vaccinatiebeleid op de schop zou gooien. Alle hoop van Wakefield en de zijnen was gevestigd op de Republikeinse outsider: zou hij de daad bij het woord voegen als hij de verkiezingen zou winnen?

Die hoop vervloog zodra Trump in het Witte Huis zat. In campagnetijd hengelde hij nog opzichtig naar de gunsten van de anti-vaccinatiebeweging, maar als president veranderde de met alle rechtse winden meewaaiende Republikein radicaal van koers. Vanaf april 2019, toen hij ouders tijdens een mazelenuitbraak adviseerde om hun kinderen te laten inenten, wierp Trump zich op als pleitbezorger van vaccinatie, alsof hij nooit anders had gedaan. In mei 2021 beweerde de inmiddels Twitterloze ex-president te midden van een grootschalige vaccinatiecampagne tegen het coronavirus zelfs dat de snelle ontwikkeling van het vaccin – ‘“One of the greatest miracles of the ages,” according to many’ – aan hem was te danken. Als hij niet zijn volle gewicht achter het vaccinatieontwikkelingsprogramma ‘Operation Warp Speed’ had gegooid, hadden mensen pas na minimaal vijf jaar ingeënt kunnen worden.

Trump en Wakefield, qua karakter elkaars evenbeeld, zullen waarschijnlijk tot hun dood hetzelfde refrein blijven zingen, in steeds schrillere tonen, voor een steeds kleiner publiek. Trump zal blijven volhouden dat de verkiezingen van 2020 zijn gestolen en om stemhertellingen blijven vragen, Wakefield dat hij altijd al gelijk heeft gehad en het slachtoffer is van een complot. Trump zal hoewel vooral de rijkste 1% heeft geprofiteerd van zijn presidentschap blijven beweren dat hij de arbeidersklasse vertegenwoordigt, Wakefield dat hij alleen maar ouders van autistische kinderen wil helpen, terwijl hij van diezelfde ouders financieel profiteert door hen valse hoop te geven op de genezing van een syndroom dat geen ziekte is.

Voor autisten en hun families is dat de kwalijkste nalatenschap van Wakefield, Trump en organisaties als Autism Speaks: het idee dat autisme een kwaal is die moet worden ‘overwonnen’, ‘verslagen’ of ‘genezen’. Wat aan dergelijke militaristische en fatalistische retoriek ten grondslag ligt, om de autistische activist Jim Sinclair te citeren, is het onvermogen om in te zien dat autisme een zijnsvorm is, in plaats van een aanhangsel dat van een persoon valt te amputeren. Wie zegt autisme te willen ‘genezen’ of ‘verslaan’, beweert eigenlijk dat een autistisch leven het niet waard is om te geleefd te worden, en dat in de strijd tegen autisme, met het lichaam van de autist als slagveld, alle middelen zijn geoorloofd. Door dergelijke denkbeelden zijn de afgelopen vijfentwintig jaar miljarden verkwist aan heilloos onderzoek naar mogelijke geneesmiddelen, geld dat beter had kunnen worden besteed aan de ondersteuning van mensen met autisme en hun families, bijvoorbeeld aan voorlichtings- en werkgelegenheidscampagnes, speciaal onderwijs en woon- en zorgvoorzieningen.Het is begrijpelijk dat ouders tijd nodig hebben om de autismediagnose van hun kind te verwerken en afscheid te nemen van neurotypische ontwikkelingsnormen: autisten hebben doorgaans meer ondersteuning nodig dan neurotypici, wellicht zelfs hun hele leven lang. Maar dat betekent niet dat ze zich niet op hun eigen manier en op hun eigen tempo kunnen ontwikkelen, noch dat ze nooit gelukkig kunnen worden. Het beste middel om met de uitdagende aspecten van autisme om te gaan is acceptatie, zowel van autisten door zichzelf als van autisten door hun omgeving. De zoektocht naar geneesmiddelen en mogelijke oorzakelijke factoren is een verspilling van tijd, geld en moeite die de acceptatie van autisme in de weg staat en ouders veroordeelt tot een vicieuze cirkel van woede, schuldgevoel en wanhoop. De enigen die garen spinnen bij zulk fatalisme en onwetenschappelijk fanatisme zijn frauduleuze dokters en cynische politici.

Verder lezen
  • Allen, Arthur. Vaccine: The Controversial Story of Medicine’s Greatest Lifesaver. New York en Londen: W.W. Norton, 2007.
  • Blume, Stuart. Immunization: How Vaccines Became Controversial. Londen: Reaktion Books, 2017.
  • Berman, Jonathan. Anti-Vaxxers: How to Challenge a Misinformed Movement. Cambridge, MA en Londen: The MIT Press, 2020.
  • Fitzpatrick, Michael. Defeating Autism: A Damaging Delusion. Londen en New York: Routledge, 2008.
  • Frankema, Door. Vaccin vrij! Ouders, artsen en wetenschappers over vaccins en vaccinvrij opgroeien. Rotterdam: Lemniscaat, 2019 (2014).
  • Jonkman, Kim, Julie Wevers, Lotte Benard, Wouter Staal en Sander Begeer. Alternatieve behandelingen en autisme. Omvang, ervaringen en kenmerken gebruikers. Amsterdam: Nederlands Autisme Register, 2021.
  • Mnookin, Seth. The Panic Virus: The True Story Behind the Vaccine-Autism Controversy. New York: Simon & Schuster, 2012 (2011).
  • Offit, Paul A. Autism’s False Prophets: Bad Science, Risky Medicine, and the Search for a Cure. New York: Columbia University Press, 2010 (2008).
  • Offit, Paul A. Deadly Choices: Why the Anti-Vaccine Movement is Threatening Us All. New York: Basic Books, 2015 (2010).
  • Olmsted, Dan en Mark Blaxill. The Age of Autism: Mercury, Medicine, and a Man-Made Epidemic. New York: Thomas Dunne Books, 2010.
  • Rozendaal, Simon. Vaccinatie. Amsterdam: Amsterdam University Press, 2014.
  • Wakefield, Andrew J. Waging War on the Autistic Child: The Arizona 5 and the Legacy of Baron von Münchausen. New York: Skyhorse Publishing, 2012.
  • Wakefield, Andrew J. et al. ‘Ileal-Lymphoid-Nodular Hyperplasia, Non-Specific Colitis, and Pervasive Developmental Disorder in Children.’ The Lancet 351.9103 (1998): 637-641.
Noten
  1. Luke E. Taylor, Amy L. Swerdfeger en Guy D. Eslick, ‘Vaccines Are Not Associated with Autism: An Evidence-Based Meta-Analysis of Case-Control and Cohort Studies,’ Vaccine 32.29 (2014): 3623-3629.
  2. Paul A. Offit et al., ‘Addressing Parents’ Concerns: Do Multiple Vaccines Overwhelm or Weaken the Infant’s Immune System?,’ Pediatrics 109.1 (2002): 124-129.
  3. Karin B. Nelson en Margaret L. Bauman, ‘Thimerosal and Autism?,’ Pediatrics 111.3 (2003), 675; Asif Doja en Wendy Roberts, ‘Immunizations and Autism: A Review of the Literature,’ Canadian Journal of Neurological Sciences 33.4 (2006): 341-346.
  4. Michael Fitzpatrick, Defeating Autism: A Damaging Delusion (Londen en New York: Routledge, 2008), xiv-xv.